Tussen de hemel en de hel vind je RAFC

Één wedstrijd heb ik dit seizoen gemist. Eupen away waar we met 3-4 wonnen. Twee echt goede wedstrijden heb ik gezien. De openingswedstrijd op Dessel Sport was indrukwekkend, het thuisverlies tegen Cercle Brugge zwaar onverdiend. Al de andere wedstrijden vind ik al heel de tijd magere beestjes. Kiezen voor zekerheid, met stereotiep voetbal waarbij de tegengoal vermijden belangrijker is dan de winning goal maken. Voor de ene toch aanvallend, voor de ander verdedigend. Voor mij vooral te weinig voetbal.

Het systeem is dus niet mijn ding als voetbalsupporter, en al helemaal niet als Antwerp supporter. Bloed, zweet en tranen én vol voor de overwinning. Dat verwacht ik van een trainer met deze kern, en zeker in thuiswedstrijden. Waarom wij nooit met twee diepe spitsen starten tegen elke muur die de tegenstander komt optrekken, het blijft mij een raadsel.

En toch, ieder zijn systeem want tot voor kort leek dat van onze trainer ook te werken. Acht punten los, kampioeneuh! Twee wedstrijden later is er nog steeds geen man overboord. Maar een nul op zes doet wel wat met spelers. Niet enkel die bij ons, maar ook die van de tegenstand. We zijn er dus met andere woorden nog niet!

En het zal in eerste instantie onze trainer zijn die hiervoor een oplossing zal moeten zoeken.

Maar ook tactisch verschillen we van mening.  Binst op de linkerflank posteren, terwijl hij een diepe spits is. Hairemans naar de flank duwen terwijl dit een centrale speler is. Daeseleire op linksback posteren, terwijl hij daar enkel verdedigend zijn meerwaarde heeft. Wat verwacht onze trainer eigenlijk van een rechtsback op links? En ja, hij trekt zijn streng maar daar moet voor mij iemand staan die de opbouw mee kan verzorgen. En waarom Fauré en Cornet met de grote trom binnenhalen tijdens de winterstop, om ze vervolgens allebei op de bank te zetten. Ben ik nu de enige die dat niet begrijpt? Afsluitend nog even over de wissel Malsa vandaag, een centrale middenvelder, als flankspeler posteren. Dit terwijl N’Diaye in mijn ogen opbouwend minder bij te brengen heeft. Hairemans en Malsa centraal, Dequevy en Naessens naar de flank en pompen of verzuipen. Allez, dat had mijn keuze geweest, en ik ben maar één van de tienduizend trainers op de Bosuilbanken natuurlijk.

Kort gezegd, ik heb al dikwijls mijn wenkbrauwen gefronst bij de tactische keuzes van onze trainer.

En volgende week moeten we naar Virton. Opnieuw puntenverlies, neen dat kunnen we ons niet veroorloven. Er moet dus iets gebeuren, we moeten aanknopen met een nieuwe overwinning.

Ik vind nog steeds dat onze grootste tegenstander het spelsysteem van onze trainer is. Iedereen zijn idee, maar dat is het mijne. Gelukkig gaat het niet enkel om de trainer, het gaat om onze club: Royal Antwerp Football Club. En de grootste medestander, dat zijn wij: de supporters. Wij zijn trouwens ook de grootste troef. Niet enkel financieel, maar ook sportief hebben wij onze meerwaarde.

Het is aan ons om op te staan. De laatste negen wedstrijden mogen we niet opgeven. Als er één kracht is die de ploeg vooruit kan stuwen, spelers boven zichzelf kan laten uitstijgen en zorgen dat het heilige vuur er terug inkomt, dan zijn wij dat.

Dus trainer, hoezeer ik uw voetbal ideologie ook verafschuw, zoveel steun mag je van mij verwachten. Samen uit, samen thuis. Nog 27 punten. Come on you reds!

Spread the love
  • 68
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
    68
    Shares

Geef een reactie