De hypocrisie rond Sinterklaas en zwarte piet

Sinterklaas en zwarte piet: traditie in Antwerpen

Ondertussen ben ik 47 jaar jong, om maar te zeggen, het is al weer even geleden dat ik nog eens op de schoot mocht vertoeven van de goedheilig man. Het was trouwens geen sinecure om daar toen in te slagen. Neen. Noeste arbeid was het dedjuu!

De traditie toen wilde dat er slechts één Sinterklaas was in Antwerpen, en die moest je gaan zoeken in de toenmalige Grand Bazar. Hij kwam ook geen 37 weken op voorhand aan, neen, hij was er maar een paar dagen. Er waren (zijn?) immers nog andere kindjes te bezoeken. Niet waar?

In de Grand Bazar werd je verwelkomd door een ellelange rij. Vraag me niet hoe lang we toen moesten aanschuiven, maar op de kinderhorloge leken er dagen voorbij te gaan. Zeven dagen later was het eindelijk aan mij. Met een flukse sprong belande ik op de schoot van de Sint, die me aankeek en zijn traditionele vraag stelde: “Sven, ben jij braaf geweest dit jaar?” Zoals voor elk klein kind, denk ik, was dat een zwaar moment. Ik zette mijn beste pokerface op en antwoordde zonder blozen: “Ja.”

De oude man was waarschijnlijk heel braaf, maar toch al ietwat dement besef ik nu. Elk jaar opnieuw geloofde hij mijn leugentje om bestwil. Het antwoord dat hij moest geloven richting de heilige graal. Allez, gralen moet dat eigenlijk zijn. Cadeautjes!

Wat volgde was ook traditie. De pose aannemen, vereeuwigd worden op de foto, waarna menig kind, lachend of wenend, werd afgeserveerd.

“De volgende!”

De Sint wandelde vervolgens enkele dagen rond in het stad en diezelfde stad Antwerpen organiseerde elk jaar een groot afscheidsfeest. Maanden op voorhand kon je een tekening inzenden, en met wat geluk hadden hij en zijn zwarte piet jouw tekening uitgekozen als de winnende.

Ik had ooit eens dat geluk. De beste van Antwerpen, of toch bijna! Terwijl ik zo fier als een pauw naar voor wandelde, richting mijn cadeau en de persoonlijke ontvangst, werd ik in mijn fantasie al gauw de Picasso van Antwerpen. Nadat ik mijn cadeau in ontvangst had genomen, en terug naar mijn stoel wandelde, zal ik wel al iets anders zijn geweest. En dat gedacht zal ongetwijfeld in lijn hebben gelegen met hét cadeau. Superman, Batman, of een of andere piraat. Wie weet? Al slaag je mij dood, ik zou vandaag de dag niet meer kunnen zeggen wat ik juist gekregen heb.

Zoals ik al schreef, het was één van de vele cadeautjes.

Sinterklaas en zwarte piet: inzet van commerce in Antwerpen

De jaren die daarop volgde veranderde er heel wat. Zo verschenen de “Hell drivers” in Antwerpen. Stuntmannen, die verkleed als Sinterklazen – ja, meervoud dus – mensen uit het publiek haalden en er vervolgens met hun moto over sprongen.

Als kind meerdere Sinten zien, verschillende dus, op één dag, dat werd normaal. Elke winkel zijn Sint, en die moest opbrengen. Ik zag de heilige man op moto’s, in flashy auto’s en ondanks zijn leeftijd was geen stunt te groot voor hem.

Ik kan mij voorstellen dat ouderen daar toen wel wat commentaar op zullen hebben gehad. Voor mezelf kan ik mij enkel herinneren dat daar extra mogelijkheden lagen. Zouden meer Sinten ook meer cadeautjes betekenen?

Zoiets zal ik toen wel gedacht hebben. Ik kan mij hoegenaamd niet voor de geest halen dat ik mij kwaad maakte om zoveel klazen en pieten.

PS: ondertussen gebeuren de jobs van Sinterklaas en zwarte piet in onder aanneming. Iemand een idee hoe het zit met de sociale dumping in die flexi-jobs?

Sventerklaas en de twee zwarte pieten

Toen ik ouder was, en zoekende naar mezelf zoals vele jongeren, voelde ik mij thuis binnen alles dat niet het gewone was. Ik hield van new wave en elektro. Net zoals de grunge scene mijn ding wel was. Mijn bles, waarop menig ponytailed hard rocker jaloers geweest zal zijn, net zoals de bijhorende combats waren kenmerken als je mij zag.

Vrienden vroegen toen of ik eens voor Sinterklaas wilde spelen. “Natuurlijk! Maar euh, een baard dat mag, de mijter en rest van de cirque ook. Maar geen pruik en mijn combats, die blijven aan!”

“Deal!”

De beide vrienden die mij als zwarte pieten zouden flankeren maakten elk ook hun eigen deal. De eerste die ging zonder problemen all the way. Zwart was niet zwart genoeg. De tweede werd een resem pinten beloofd, en die moest enkel wat strepen op zijn gezicht laten plaatsen. Al moest hij wel het belachelijke pakje aantrekken.

“You win some, you lose some”, zal hij toen gedacht hebben.

Goed gelachen hebben wij die dag. Onszelf beestig geamuseerd. De roetpiet was te dik om door de schouw te kunnen. Maar hij was wel vuil geworden door het te proberen. Geen kind die er wakker van lag. De sint was net naar de coiffeur geweest. Een slechte coiffeur weliswaar. Kinderen waren allemaal braaf geweest, en ouders werden – hoe kan het ook anders met Sventerklaas – gestraft.

Daar zat hij dan, de goede oude man, met bles en combats, en de kinderen riepen geen revolutie uit. Ze barstte niet in tranen uit omwille van de roetpiet. Ze vonden het allemaal plezant en kenden de inzet maar al te goed: “Cadeautjes.”

De vrije keuze, als het uitkomt

Een kleine maand geleden barste er een discussie los rond het weigeren van kinderen in een horecazaak. Dat was, zo klonk het bij de voorstanders, immers de vrije keuze van die persoon om dat te doen.

In de marge, ik ga ook al eens met de liefste naar een adults only, maar heb geen idee of dat concept al bestond toen ik zelf nog jonger was. Laat staan dat ik weet of het toen traditie was?

Maar weigeren dus van kinderen. Eigen zaak. Eigen mening. Eigen besluit. Dat was de verdediging van de voorstanders.

Diezelfde voorstanders van: “Eigen zaak. Eigen mening. Eigen besluit.”, schreeuwden ondertussen moord en brand toen men elders in België besloot om de naam van een feest te veranderen. Een feest georganiseerd door mensen waardoor het dus eigenlijk hun feest, hun mening, hun besluit zou moeten zijn. Niet dus. Diezelfde mensen schreeuwen ook moord en brand bij de discussie rond het hoofddoek. In beide gevallen mag het individu niet meer zelf beslissen. Neen. Dan moet hun wil wet worden.

Maar het heeft niets met onverdraagzaamheid te maken hoor. Serieus? Meen je dat nu?

Ik vraag het mij echt af. Stel dat ze mij en mijn twee vrienden vandaag opnieuw zouden vragen om Sinterklaas en zwarte piet te spelen, en de roepers zouden ons op straat passeren, de roetpeit en sinterklaas met de bles en zijn combats. Wat zou er gebeuren? Heeft mijn vriend vandaag nog zelf de keuze om te beslissen hoe zwart hij wil worden gemaakt?

En neem dat laatste maar letterlijk en figuurlijk, als je er tenminste over wil nadenken.

Wie zal er voor de kinderen zorgen

“Het spijt me Luc, echt waar, maar ik kon geen betere titel bedenken.” Hoe erg is het immers als volwassen in hun discussie, rond hun eigen grote gelijk, kinderen betrekken. Beschamend vind ik dat.

Het kind staat in deze discussie al lang niet meer centraal. Ik lees verschillende oneliners. “Kinderen stellen zich daar vragen bij. De hypocrieten hebben zelf vroeger hun schoen gezet…”

Soms ligt het antwoord gewoon in een vraag, dus bij deze: “Zou jij als kind ooit één keer een cadeautje hebben geweigerd van een witte, gele, groene of rode piet?”

Voor de trage verstaander, dat was retorisch.

De politieke traditie doorbreken is hoognodig

De enige traditie die in deze belangrijk is, dat is de politieke traditie van verdeel en heers.

Het gaat immers niet voor iedereen over traditie, normen en waarden of kinderen. Voor sommigen gaat het nu eenmaal wel over het onder de knoet houden van anders gekleurden. Sommigen willen nu eenmaal niet anders dan dat anders gekleurden minderwaardig zijn.

En die sommigen die voeden dagelijks het debat. Die sturen jullie mening richting een standpunt dat voor hen belangrijk is. Indoctrinatie heet dat, iets dat wij als mensen allemaal samen zouden moeten verwerpen. Die politici creëren dagelijkse onverdraagzaamheid, discriminatie en verbouwen menselijke gedachten richting onmenselijke zoals racisme.

Zij zijn de schuldigen in deze discussie!

Ik zelf vind zwarte piet helemaal niet racistisch. Het is te zeggen, toen ze dat aan ons vroegen, om voor Sinterklaas en zwarte piet te spelen, deden wij dat om de kinderen een plezante dag te bezorgen. Bovendien, ik heb daar als kind politiek gezien ook nooit over nagedacht. Diegenen die dat wel deden, ik voel ten zeerste met jullie mee. Jullie hebben een enorm plezante tijd gemist.

Maar ik kan best begrijpen dat er mensen zijn die daar wel aanstoot aan nemen. Aan de noodzaak tot een zwarte piet, met dikke rode lippen, als hulpje van een witte man.

Wat ik niet kan begrijpen is dat er mensen zijn die dat niet (willen) begrijpen. En wat ik helemaal niet kan begrijpen is dat je dan volwassen hebt die vinden dat ze op zulke dagen actie moeten voeren. Ten strijde trekken tegen hét onrecht. En dat zeg ik zowel aan de voor –en tegenstanders.

Het enige onrecht dat er gebeurt is datgene dat jullie die kinderen aandoen. Jullie pakken hen een plezante dag af. En hoe plezant die dag is, dat hangt niet af van hoe zwart die piet ziet.

Neen.

Dat hangt af van de manier waarop jullie je gedragen.

Inhoud boven fictie

Afsluitend, voor de mensen die echt willen weten waarover ze praten geef ik graag deze link: https://nederlandwordtbeter.nl/wp-content/uploads/2016/10/NLWB_LESPAKKET_HANDLEIDING_FINAL_SEP_2016.pdf

Spread the love
  • 153
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
    153
    Shares

Geef een reactie