Voorstellen voor een verbinde politiek: deel 1 – Politieke veranderingen

Loskoppelen lokale politiek

Ik ga hier een open deur instampen door te schrijven dat ik tal van voorbeelden ken waarbij het lokale niveau gedwarsboomd wordt. Als partij A de verkiezing won in een gemeente, en partij B won die overal anders, dan zal partij B partij A wurgen.

Dat is in het kort hoe het werkt. Of beter gezegd: niet werkt.

Trouwens, om lijsten vol te krijgen komen er mensen op te staan die zowel het engagement als de competentie missen. Er ontstaan post verkiezing de meest bizarre verhalen (cfr. LEZ-zone Antwerpen en gent)

Het zijn maar enkele voorbeelden waarom ik het lokale niveau zou loskoppelen van partijpolitiek. Wie een gemeente of stad wil besturen, moet dat doen vanuit de liefde voor die gemeente of stad. Niet vanuit de liefde voor een partij.

Er komen dus geen partijen op, geen mensen die lid zijn van een partij, er wordt een lijst gevormd van mensen die kandidaat zijn.

  1. Je mag niet langer lid zijn van een partij.
  2. Je stelt je kandidaat voor een bepaaldepositie (burgemeester, schepen, …)
  3. Kiezers kiezen uit kandidaten voor een bepaalde positie.
  4. Dus niet langer op een lijst van kandidaten die nadien bepalen welke functie ze zullen bekleden.

Paritaire federale leiding

Een land als België zit in wat men noemt een sinusoïde. Dan helt het politieke weer wat door naar rechts, nadien weer wat naar links. Veel vooruitgang zit er niet in zulks een systeem. Het zorgt bovendien voor Kafkaiaanse toestanden. Wat partij A mee besliste in de meerderheid, haalt ze nadien onderuit eens in de oppositie.

Bovendien wordt nooit elke stem vertegenwoordigd, waardoor er constant spanningen zijn. Iets wat altijd nefast is om op een goede manier te werken.

Ik denk, onder andere daarom, dat verkiezingen anders georganiseerd moeten worden. Nu stemmen we op een partij, en nadien bepaalt die partij welk departement ze wil. Voor mij zou het logischer zijn als we zouden kunnen kiezen welke partij, welk departement (bvb. onderwijs) zou moeten vertegenwoordigen.

Men moet samenwerken en de meest natuurlijke manier om dat te doen is paritair te beginnen werken. Daarom ben ik voorstander om niet langer met één premier te werken. En niet langer met ministers te werken.

Premiers en regering verkiezen

  1. Alle partijen schuiven hun kandidaat-premier naar voor.
  2. Die met de meeste Vlaamse en Waalse stemmen worden de premiers.
  3. Samen met de anderen die opkwamen vormen ze de regering.
  4. Daags na de verkiezing heb je dus een regering.

Departementen verkiezen

  1. Alle partijen schuiven hun kandidaten per departement naar voor.
  2. Die met de meeste Vlaamse en Waalse stemmen worden de voorzitters.
  3. Samen met anderen die opkwamen vormen ze het departement.
  4. De samenstellingen van die departementen wordt onderhandelt door de regering.

Volkstribunaal loten

David Van Reybrouck schreef in zij boek ‘Tegen verkiezingen’ enkele interessante dingen neer. Die van een soort van volkstribunaal, gekozen via loting spreekt mij tot op de dag van vandaag enorm aan. Er zij natuurlijk bepaalde voorwaarden nodig, maar dat is niet de essentie. Die ligt in de twee woorden: volkstribunaal en loting.

De regering en departementen moeten hun werk voorleggen aan dat volkstribunaal. Soms zelfs ter stemming. En dat volkstribunaal kan bijgevolg beslissen om daar zelf over te stemmen, dan wel een volksstemming te organiseren waarbij iedereen zijn, of haar, zeg krijgt. Die uitslagen zijn dan finaal.

Deontologische code

Ik ga hier kort zijn. In een deontologische code wordt neergeschreven hoe je jezelf als politieker, en partij, moet gedragen. Het is een contract dat ze tekenen, zoals elke werknemer dat doet.   

Spread the love
  • 29
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
    29
    Gedeeld

Leave A Comment?

U bent geen robot, toch? * Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.