Kiest de democratische kiezer nog?

We moeten nog gaan stemmen maar ondertussen liggen er voorakkoorden op de plank, zijn er democratische partijen die samenwerken met andere democratische partijen uitsluiten en wordt die laatste boodschap inzet van discussie tussen kiezers.

Is het gepermitteerd om daar allemaal niet mee akkoord te zijn?

We moeten nog gaan stemmen

Democratische partijen hebben een verkiezingsuitslag te respecteren. En dat zowel in goede, als in slechte tijden. Immers, elke democratische partij die stelt dat ze niet met een andere democratische partij wil samenwerken, die zegt op voorhand ‘Fuck you’ tegen een deel van de democratische kiezers.

Vier op de tien Vlamingen gaven deze week aan niet meer te zouden gaan stemmen als de opkomstplicht zou worden afgeschaft. Jaar na jaar is de enige partij die telkens progressie maakt die van blanco en tegenstemmers. Al verdwijnt die hun stem nadien binnen het politieke landschap van zelfbediening, want in de realiteit zouden er lege stoeltjes moeten zijn na de verkiezingen. Maar neen, elke stoel brengt geld in het laatje dus verdeelt de politiek wat ze eigenlijk niet te verdelen hebben.

Niet met hen!

In Antwerpen is er slechts één democratische partij die op voorhand geen enkele samenwerking met andere democratische partijen uitsluit. Al die anderen hebben wel iemand waarvan ze zeggen: “Niet met hen!”

Straffer nog is dat dit de inzet is geworden van discussie tussen kiezers. Dat kandidaten zich nu reeds moeten verantwoorden voor het vormen van ‘mogelijke’ coalities zonder dat er gestemd is, dat gaat er bij mij helemaal niet in.

Ik ben links, hoop dat rechts een afstraffing van jewelste krijgt, maar uiteindelijk is het wel de democratische kiezer die beslist. En dat zijn er, gelukkig maar, meer dan ik alleen.

Voor alle burgers

Eigenlijk, en daar zullen veel mensen het oneens zijn met mij, zou er na de verkiezingen geen oppositie mogen zijn voor wat betreft de democratische partijen. De oppositie zou een allegaartje moeten zijn van lege stoelen en verkozenen die geen democratische waarden in zich dragen.

Pas dan kan je als democratisch verkozene stellen: “Ik wil de burgemeester zijn van álle Antwerpenaren.”

Er zijn verkiezingen die zo werken

Ik ben jaren werknemersvertegenwoordiger geweest. Tussen de drie vakbonden kunnen de ideologische verschillen niet groter zijn. En dan heb je uiteindelijk nog de werkgever waar je een akkoord mee moet proberen vinden.

In mijn geval hadden wij verkozenen bij arbeiders, bedienden én kaderleden. En wij waren daarin niet alleen.

Om verkozen te kunnen worden moet je jezelf op een lijst zetten. Hebben je kiezers voor je gekozen, dan ben je nadien verplicht te werken voor hen. Voor schijnkandidaten is daar geen plaats.

En dan is er de realiteit. Bij elke uitdaging moet je eerst een akkoord vinden tussen de drie werknemersstatuten van je eigen fractie. Compromissen worden gesloten. Iets wat andere fracties ook doen.

Dan ga je aan tafel met die andere fractie(s). Opnieuw worden er compromissen gesloten en met dat standpunt trek je naar de onderhandelingstafel waar akkoorden worden gezocht met werkgevers. Velen vergeten al eens dat er voor elk sociaal conflict tal van akkoorden werden bereikt, maar dat in de marge.

Uiteindelijk volgt er een terugkoppeling naar de werkvloer die daarin ook dikwijls het laatste woord krijgt.

Maar de clou is duidelijk: Je zet jezelf op een lijst, wordt je verkozen moet je werken en je hebt niet te kiezen met wie je wel en niet wil samenwerken. Je werkt samen. Punt.

Verandering?

Rechts beloofde zes jaar geleden verandering. Qua PR-gehalte kon dat tellen, die belofte. Want zes jaar later blijft de verandering dagelijks ontploffen in het gezicht van rechts. De graaicultuur bleef, er werden extra politieke postjes gecreëerd en men legde de kiezer op wat men zichzelf niet wilde opleggen.

Veel van hetzelfde dus, al was het soms ook erger.

Loyaal bleek men immers ook allerminst. Federaal werden akkoorden gesloten tussen de meerderheid, en je kon er bijna staat op maken dat de partij van verandering kort nadien dat gemaakte akkoord onderuit zou halen. Binnen de Eigen meerderheid, onwaarschijnlijk toch?

Ook naar de kiezer bleek men alles behalve loyaal te zijn. De start sprak boekdelen. Wie is er ondertussen al vergeten dat de meerderheid de pensioenleeftijd optrok, daar waar ze allemaal beloofden van dat zeker niet te zullen doen?!

Realiteit

Zes jaar lang hebben we politiek gekibbel gezien. Van het federale niveau tot het gemeentelijke. Ik kan mij best voorstellen dat er velen zullen zijn die hopen niet langer te moeten werken met de partij van de verandering. Het waarom is duidelijk, ik gebruik bewust het woord samenwerken niet.

Maar dat is voor mij wél iets anders dan op voorhand te stellen: ”Met hen niet.” Als de kiezer een andere keuze maakt dan de uwe, van uiterst links tot uiterst rechts, dan hebben democratische partijen dat te respecteren. En pas dan kan men gaan bekijken of het water echt te diep is.

Maar op voorhand?

Wat een politiek opbod der verzuring is me dat. En het is er eentje waar ik niet aan meedoe. Ik hoop op een linkse overwinning, maar zal nederig zijn als het anders uitdraait. En net zoals de afgelopen zes jaren zal ik na zondag blijven verder werken aan een sociale wereld.

Want die uitdaging gaat nooit stoppen.

Spread the love
  • 105
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
    105
    Shares

Leave A Comment?

U bent geen robot, toch? * Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.