Mensen die ons wat volgen weten het wel, wij hebben geen zittend gat. Een hotel is voor ons dan ook nooit meer dan een slaapplaats. Wij kozen in Gambia Baobab Holiday Resort als uitvalsbasis. Het is één van de laatste hotels waar de touroperator je zal afzetten en er zijn er dus heus wel met meer luxe, maar voor ons was dit goed genoeg. Even wat voor -en nadelen op een rijtje. Laten we beginnen met de nadelen:

  • Onze mengkraan was stuk bij aankomst en het heeft vijf dagen geduurd voor men ze had vervangen. Elke keer zei men dat het in orde was, maar het water bleef koud. Niets om dood van te vallen natuurlijk, maar qua service kon dat beter.
  • De muren zijn redelijk dun, laat genoeg thuiskomen is dus de boodschap. 🙂
  • Het zwembad is klein en dient eigenlijk meer om je te verfrissen dan om in te zwemmen.
  • Het ontbijt is heel summier, je kan kiezen uit kaas en salami én je kan elke dag een eitje vragen. Iets anders drinken dan koffie of thee kost je extra.

De voordelen:

  • Je koopt gewoon nog wat ander beleg in de winkel en brengt dat mee, men doet daar niet moeilijk over. Op de kamer is een ijskast dus dat kan perfect.
  • De prijzen voor een drankje in het hotel liggen laag en de bediening verloopt vlotjes.
  • De hoteleigenaar heeft ook een eigen apotheek, die heel laat open is. Mijn vrouwtje kon hem één keer goed gebruiken.
  • Het is gewoon een goedkope logeerplaats, met nette kamers én een heel volkse sfeer rond het zwembad. Gewoon gezellig dus, prijs kwaliteit zit dat goed.

 Tips:

Eigenlijk is hier qua uitstappen maar één tip te geven, al is het dan wel een gouden tip: “Elke Gambiaan noemt zichzelf een business man en je moet dat ook letterlijk nemen.” Vermijd de toeristen bureaus, ze zijn veel te prijzig en je zal nooit te zien krijgen wat je via een local te zien krijgt. Wandel de eerste dagen dus eens op en af de strip, praat met enkele Gambianen die je aanklampen en kies er uiteindelijk iemand uit waarbij je jezelf goed voelt. Zeg gewoon wat je allemaal wil zien en het komt allemaal in orde.

Een voorbeeld was ons bezoek aan Lamin Lodge. Toeristen via een bureau worden met acht à tien personen in één boot gepropt en zijn op een wip en een knip weer uit de mangrove. Onze gids nam ons 100 meter verder dan de Lodge, waar een klein vissersdorpje is. Wij stapten in bij twee waanzinnig grappige locals, waarvan één van de twee aan het studeren was om vogelspotter te worden. Beiden spraken ook wat woorden Nederlands en namen uitgebreid hun tijd om ons van alles te tonen en moppen te tappen. Ik kan zonder blozen stellen dat onze tocht door de mangrove tien keer beter was dan eender welke tocht via een bureau én dat dit ook zo was voor alle andere zaken die we bezochten.

Mangrove Lamin Lodge

Mangrove Lamin Lodge

Er zijn nog wel andere tips te geven:

  • Blijf weg van de groene taxi’s, stap gewoon met locals in een gele en je bent heel wat goedkoper af én bovendien zijn het altijd amusante mensen met een plezant verhaal die naast je zitten.
  • Je hoeft nergens schrik te hebben in Gambia, wij wandelden op nieuwjaarsnacht van een hotel waar we hadden gefeest tot aan dat van ons, een wandeling van ruim twee uur door de inheemse massa, hoegenaamd geen problemen gehad.
  • Mensen zullen je soms vragen om een zak rijst te kopen, wij betaalden 20€ voor een zak van 50kg en gingen hem persoonlijk afleveren met Sassi, de local die wij hebben leren kennen. Ook dat is een voordeel als je met een local op stap bent.
  • Je zal regelmatig worden aangesproken door mensen die doen alsof ze je kennen van in het hotel enzo, je kan mee vriendelijk doen maar uiteindelijk proberen ze gewoon geld los te krijgen. Geef je niets dan worden ze niet agressief, je moet dus maar zelf beslissen hoever je hier in wil gaan.
  • Om te zonnebaden zijn er tal van stranden. Onze favoriet was ongetwijfeld Bijilo, naast hotel Coco Ocean. Het is niet de plek waar veel toeristen naartoe trekken, wat ons betreft een foute keuze. Bijilo is rustig en voorzien van een strandbar waar je ook iets kan eten. De zee is er wel heel wild, dat is dus een nadeel.
Bijilo Beach

Bijilo Beach

Restaurant Tips

Voor we beginnen alvast dit, zelfs al staat er in je reisgids dat het peperduur is, dan nog blijft het eten spot goedkoop als je de prijzen vergelijkt van bij ons. Je kan dus gewoon elke avond lekker uit eten gaan.

  • Ook hier, net zoals overal ter wereld, probeer weg te blijven van restaurants die hun eten aanprijzen via foto’s. The African Queen is ons hoegenaamd niet bevallen.
  • Wil je Indisch proeven dan is Clay Oven een absolute must. Wat een fantastisch lekker restaurant!
  • Over locaties gesproken, Ngala Lodge is waarschijnlijk één van de duurste, zoniet het duurste, hotel in de streek. Het eten in het restaurant is verbluffend lekker en het is een heel rustgevende, romantische, omgeving. Een toppertje!
  • We hebben vervolgens ook lekker gegeten bij JoJo’s en Scala die beide op de strip liggen (Senegambia road), wandel hem op en neem de eerste straat links. Dan is het nog een goede 100 meter.
  • Green Mamba Garden ligt helemaal achteraan de strip, in een exotische tuin waar je kan kiezen: à la carte of buffet. Meer dan degelijk en een fantastische locatie.
  • We hebben ook één keer pizza gegeten op de strip, in een nieuwe tent die was open gegaan. De naam ontsnapt me maar het is heel makkelijk te vinden. Als je Senegambia Road opwandelt moet je op een gegeven moment links richting Jojo’s of Scala. Draai je gewoon naar rechts en kijk naar een restaurant met een bovenverdieping en een ‘moderne’ strakke look. Et voila, damn good pizza awaits!

 

 

Spread the love
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  

Leave A Comment?

U bent geen robot, toch? * Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.